Home Ervaringen Blogs over autisme Blog Vrieda: Emoties

Blog Vrieda: Emoties

Emoties heb ik genoeg, al zolang ik mij herinner.

Als puber had ik wel eens heftige huilbuien, mijn moeder noemde dat ‘Weltschmerz’. Maar meestal hield ik mijn gevoelens maar vóór me.
Totdat zo’n 20 jaar geleden een vriendin mij zei, dat ik haar aan een Vulcan deed denken (een personage uit Star Trek), zo onbewogen was mijn gezicht altijd. Vanaf toen ben ik ermee gaan oefenen om emoties te tonen en te delen. Mijn beleving ervan is denk ik toch wel anders dan bij de meeste mensen.

Mijn denken gaat snel, maar op sociaal-emotioneel gebied ben ik traag, voel ik me beperkt. Pas wanneer ik thuis rustig kan nadenken over wat er gebeurd is, kan ik het gaan begrijpen, er woorden aan geven: ik was geschrokken van die kritiek, en raakte in verwarring. Ik voelde paniek omdat ik liever wilde vluchten, maar dat niet kon in die situatie.
Als een soort antropoloog heb ik, in de loop van mijn leven, geleerd hoe niet-autisten omgaan met hun emoties. Wanneer ik een emotionerende situatie zie aankomen en erover kan nadenken, lukt het me wel om er op te anticiperen en een acceptabele reactie te geven. Wanneer het me overvalt, lukt dat niet. Dan klap ik dicht en kan ik in paniek raken.

Emoties uitleven

Mensen die zich vooral door hun emoties laten leiden zijn eigenlijk mijn tegenpolen. Ik heb moeite met hun gedrag als ze hun emoties uitleven. Iedere redelijkheid of logisch nadenken ontbreekt en ze luisteren dan niet.
In de media wordt het uitleven van je emoties erg gewaardeerd. Je wordt gestimuleerd om van alles te beleven en bepaalde keuzes te maken ‘omdat het goed voelt’ – of dat nou positief of negatief uitpakt. Niet omdat je er goed over na hebt gedacht en alle consequenties hebt afgewogen. Daar heb ik moeite mee.

Verdriet heb je met jezelf, zo ervaar ik dat tenminste. Het voelt als iets waar ik in mee kan gaan, en me aan over kan geven. Als ik me verdrietig voel, lijkt het ook wel of ik me meer met andere mensen verbonden voel, omdat mijn beleving van verdriet lijkt op dat van ‘normale mensen’.

Boosheid

Met boosheid en woede is dat anders, dat wordt zeker van vrouwen veel minder geaccepteerd. Wanneer iemand mij letterlijk pijn doet (bijvoorbeeld de fysiotherapeut) of irriteert en kwetst (figuurlijk), word ik wel eens zo boos, dat ik iemand wil slaan. Misschien wordt dat veroorzaakt door het mannelijkheidshormoon testosteron. Ik heb eens gehoord dat autistische vrouwen daar meer dan gemiddeld van hebben. Dit zou de neiging tot agressief gedrag kunnen versterken.
Gelukkig sla ik geen mensen, ik vat het op als een signaal en beheers me.

Sinds ik de diagnose autisme heb, betrap ik mijzelf wel eens op gerechtvaardigde woede: ik ben boos (en erg overtuigd van mijn gelijk) omdat mijn autisme nooit eerder is ontdekt. Toen ik er zelf achter kwam, werd het eerst niet serieus genomen.
En daarin sta ik niet alleen; bij veel volwassen vrouwen gaat dat zo! Vrouwen die – net als ik – door hebben dat met name boosheid voor hen niet acceptabel is in onze cultuur en zich daarom aanpassen.

Blijheid

Ik heb in mijn leven veel geoefend in aardig overkomen. Mijn eigen blog heb ik “vriendelijke dame met autisme” genoemd, ook als een knipoog naar: ik lijk misschien vriendelijk, maar ben onder de oppervlakte soms geïrriteerd, verontwaardigd, kritisch of ongeduldig.
Maar ik mag er zijn en mee blijven doen, zolang ik maar vriendelijk ben!

En andere emoties?
Met blijheid heb ik geen problemen, al ben ik soms blij om iets heel anders dan andere mensen.
Angst is nog wel een dingetje. Daarover een andere keer!