Onderwijsprofessionals
Home Professionals Onderwijsprofessionals

Onderwijsprofessionals

Een leerling met autisme in mijn klas

Leerlingen met autisme kunnen op school aanpassingen nodig hebben, bijvoorbeeld als het gaat om de manier waarop de lesstof wordt aangeboden. Ook hebben zij vaak meer dan andere leerlingen behoefte aan voorspelbaarheid en duidelijkheid.

Als hun behoeften niet worden gerespecteerd, kunnen leerlingen met autisme in korte tijd flink vastlopen. Dit kan zich onder meer uiten in slechte schoolresultaten, storend gedrag of juist extreem teruggetrokken gedrag. Het risico op uitval is groot onder de doelgroep: naar schatting eenderde van het aantal thuiszitters heeft autisme.

Het is dus erg belangrijk om rekening te houden met leerlingen met autisme. Op deze website vind je veel informatie & tips.

 

  • Waaraan herken je een leerling met autisme? Elke leerling met autisme is anders en heeft zijn of haar eigen sterke en minder sterke eigenschappen. Leerlingen met autisme kunnen een aantal van de volgende kenmerken hebben:Lees meer
    • Neemt dingen opvallend letterlijk
    • Heeft meer tijd nodig om informatie te verwerken
    • Raakt uit zijn doen door veranderingen, bijvoorbeeld als er een nieuwe leraar voor de klas staat of als een schooldag anders verloopt dan normaal
    • Is over- of juist ongevoelig voor zintuiglijke prikkels zoals geluiden, licht of geuren
    • Vindt moeilijk woorden voor gevoelens, ook voor de eigen gevoelens
    • Heeft een sociale antenne die niet goed lijkt ‘afgesteld’
    • Heeft een opvallend goed oog voor details
    • Overziet vaak niet het geheel
    • Heeft veel behoefte aan structuur
    • Heeft een onderwerp waar hij of zij opvallend veel van af weet
    • Maakt moeilijk contact met leeftijdsgenoten
    • Raakt snel in de war als een boodschap niet helder en eenduidig is.
    • Is ontwapenend eerlijk
    • Heeft een disharmonisch intelligentieprofiel
    • Heeft moeite met non-verbale communicatie, bijvoorbeeld met het lezen van gezichtsuitdrukkingen
    • Heeft een opvallend goed ontwikkeld rechtvaardigheidsgevoel
    • Vraagt nooit uit zichzelf om hulp, ook niet na meerdere aansporing daartoe
    • Is opvallend gericht op de leraar
  • Tips voor leerkrachten van de basisschool Algemene tips:Lees meer
    • Misschien wel de belangrijkste tip: investeer in een goede relatie met de leerling met autisme – zorg voor beschikbaarheid en vertrouwen. Veel mensen met autisme respecteren anderen vooral om de dingen die zij doen, niet vanwege de ‘strepen op hun mouw’
    • Zeg wat je doet en doe wat je zegt
    • Iedere leerling met autisme is uniek en heeft een eigen mix van talenten, beperkingen en behoeften. Kijk daarom goed naar het individu en staar je niet blind op algemene ‘autisme-tips’. Niet elk kind met autisme wordt blij van schema’s, pictogrammen en tussenschotten!
    • Betrek vanaf het begin de ouders/verzorgers van het kind bij de begeleiding en niet pas als er problemen ontstaan. Zij hebben vaak heel waardevolle informatie over hun kind
    • Houd er rekening mee dat leerlingen met autisme meer tijd nodig kunnen hebben om informatie te verwerken
    • Loop je vast, schakel dan tijdig deskundige hulp in via de intern begeleider of via het samenwerkingsverband
    • Houd er rekening mee dat een kind met autisme vaak niet zelf om hulp vraagt, ook niet na aansporingen hiertoe
    • Wees voorspelbaar
    • Veel leerlingen met autisme worden gepest, wees daar alert op
    • Controleer altijd of een boodschap goed overkomt, een misverstand is heel snel ontstaan
    • Spreek rustig in concrete taal, zonder beeldspraak en in korte zinnen

    Als er problemen zijn

    • Word niet boos, vooral niet als er problemen zijn
    • Benoem in het geval van een incident zo concreet en rustig mogelijk wat de leerling in jouw ogen anders had kunnen doen. Zie het vooral als een leermoment
    • Oefen geen druk uit, geef geen straf
    • Smeed het ijzer als het koud is. Is een kind boos of overstuur, laat het dan eerst tot rust komen. Spreek het kind niet streng toe, de situatie zal hierdoor alleen maar escaleren

    Didactische aandachtspunten

    • Wees alert op zowel onder- als overvraging van een leerling met een disharmonisch profiel
    • Accepteer dat een kind zijn ‘goede’ en ‘minder goede’ perioden heeft
    • Wees erop alert dat een bepaalde leermethode voor de leerling totaal ongeschikt kan zijn, bijvoorbeeld doordat het taalgebruik onvoldoende helder en eenduidig is. Of doordat de opdrachten onvoldoende in kleinere stappen zijn verdeeld
    • Koester de passies en/of talenten van de leerling. Gebruik ze waar mogelijk om hem of haar te motiveren en om zelfvertrouwen geven
    • Bedenk dat leerlingen met autisme zich anders ontwikkelen en verschillende mentale leeftijden kunnen hebben. Zo kan een kind van 12 als een volwassene over sterrenkunde praten, maar sociaal-emotioneel gezien nog functioneren als een 8-jarige. Trek dus niet te snel de conclusie dat een leerling iets ‘toch moet weten of kunnen gezien zijn leeftijd’
    • Help de leerling indien nodig met het aanbrengen van structuur in zijn werk, bijvoorbeeld door middel van een time-timer en/of een dagschema waarin de taken zijn opgedeeld in duidelijke stappen

    Overige aanpassingen

    • Geef een kind dat overprikkeld is (of nog beter: dreigt te raken) de mogelijkheid om zich terug te trekken en tot rust te komen
    • Vul ‘lege’ momenten zoals pauzes of de tijd tussen twee taken zo concreet mogelijk in
    • Ondersteun en begeleid het kind indien nodig op sociaal gebied
    • Draag relevante informatie over de leerling over aan anderen die met hem of haar te maken krijgen op school
    • Stel een leerling indien nodig in staat om zelf het aantal prikkels te reguleren, bijvoorbeeld door het gebruik van een koptelefoon toe te staan of door een leerling toestemming te geven om zich terug te trekken op een rustige plek
    • Veel kinderen met autisme vinden dagen waarop alles anders is dan anders, zoals tijdens de Sinterklaas- of Kerstviering, heel moeilijk. Maak deze dagen vooraf zoveel mogelijk voorspelbaar voor ze
  • Tips voor leraren middelbare school Algemene tips:Lees meer
    • Misschien wel de belangrijkste tip: investeer in een goede relatie met de leerling met autisme – zorg voor beschikbaarheid en vertrouwen. Veel mensen met autisme respecteren anderen vooral om de dingen die zij doen, niet vanwege de ‘strepen op hun mouw’
    • Zeg wat je doet en doe wat je zegt
    • Iedere leerling met autisme is uniek en heeft een eigen mix van talenten, beperkingen en behoeften. Kijk daarom goed naar het individu en staar je niet blind op algemene ‘autisme-tips’. Niet elke leerling met autisme wordt blij van schema’s en pictogrammen!
    • Betrek vanaf het begin de ouders/verzorgers van de leerling bij de begeleiding en niet pas als er problemen ontstaan. Zij hebben vaak heel waardevolle informatie over hun kind
    • De leerling met autisme weet vaak zelf heel goed waar hij of zij op school tegenaan loopt en wat er aan gedaan kan worden, vraag er expliciet naar
    • Veel leerlingen met autisme worden gepest, wees daar alert op
    • Bedenk dat een leerling met autisme vaak niet zelf om hulp vraagt, ook niet na aansporingen hiertoe. Zeggen: ’de deur staat altijd open’ werkt niet. Ga liever op regelmatige tijden het gesprek aan
    • Spreek rustig in concrete taal, zonder beeldspraak en in korte zinnen
    • Vermijd roosterwijzigingen zoveel mogelijk. Kondig wijzigingen tijdig aan

    Didactische aandachtspunten

    • Wees alert op zowel onder- als overvraging van een leerling met een disharmonisch profiel
    • Wees erop alert dat een bepaalde leermethode voor de leerling totaal ongeschikt kan zijn, bijvoorbeeld doordat het taalgebruik onvoldoende helder en eenduidig is
    • Koester de passies en/of talenten van de leerling. Gebruik ze waar mogelijk om hem of haar te motiveren en om zelfvertrouwen geven
    • Bedenk dat leerlingen met autisme verschillende mentale leeftijden kunnen hebben. Zo kan een leerling van 12 als een volwassene over sterrenkunde praten, maar sociaal-emotioneel gezien nog functioneren als een 8-jarige
    • Leerlingen met autisme kunnen vaak hulp gebruiken bij het (leren) plannen en organiseren van hun huiswerk, inclusief het invullen van hun agenda
    • Controleer altijd of een boodschap goed overkomt; een misverstand is snel ontstaan

    Als er problemen zijn

    • Accepteer dat een leerling zijn ‘goede’ en ‘minder goede’ perioden heeft
    • Loop je echt vast met een leerling, schakel dan tijdig deskundige hulp in via de zorgcoördinator of via het samenwerkingsverband
    • Word niet boos, vooral niet als er problemen zijn
    • Benoem in het geval van een incident zo concreet en rustig mogelijk wat de leerling in jouw ogen anders had kunnen doen. Zie het vooral als een leermoment
    • Oefen geen druk uit, geef geen straf
    • Smeed het ijzer als het koud is. Is de leerling boos of overstuur, laat het dan eerst tot rust komen. Spreek hem of haar niet streng toe, de situatie zal hierdoor alleen maar escaleren

    Aanpassingen

    • Ga (bijvoorbeeld als mentor) op een vast moment, bijvoorbeeld één keer in de week, om de tafel zitten met de leerling en evalueer hoe het de afgelopen periode is gegaan. Vraag concreet naar onderwerpen als huiswerk, toetsen en sociale contacten
    • Geef een leerling die overprikkeld is (of nog beter: dreigt te raken) de mogelijkheid om zich terug te trekken en tot rust te komen
    • Ondersteun en begeleid het kind indien nodig op sociaal gebied
    • Zet relevante informatie over een leerling –  bijvoorbeeld over zijn of haar leerstijl of eventuele achterstanden – systematisch in een dossier. Zorg dat iedereen die met de leerling te maken heeft dit kan aanvullen en raadplegen
    • Stel een leerling indien nodig in staat om zelf het aantal prikkels te reguleren, bijvoorbeeld door het gebruik van een koptelefoon toe te staan of door een leerling toestemming te geven om zich terug te trekken op een rustige plek
    • Geef de leerling indien nodig meer tijd voor een taak