‘Leraren heb ik hier tot nu toe nog niet gemist’
Home ‘Leraren heb ik hier tot nu toe nog niet gemist’

‘Leraren heb ik hier tot nu toe nog niet gemist’

Interview met Codam-student Noah (19, PDD-NOS en ADHD)

Codam-student Noah

 

 

‘Zelf heb ik gewoon een havo-diploma, maar er zijn hier ook best wel veel studenten die geen middelbare school-diploma hebben behaald, ik schat zo’n dertig procent. Eerlijk gezegd merk ik helemaal geen verschil in skills.

Op de havo had ik een fantastische informatica-docent. Op de dag van de diploma-uitreiking kwam hij enthousiast naar me toe en zei: Noah, de school die jij nodig hebt bestáát: Codam! Op dat moment had ik mij al ingeschreven voor een hbo-studie informatica. Maar volgens mijn docent zou ik mij daar waarschijnlijk vier jaar lang gaan vervelen. Dankzij internet en de ICT-lessen op school wist ik namelijk al heel veel.

Ik zat echt op een heel fijne middelbare school, het Metis Montessori Lyceum in Amsterdam. Dat is een reguliere school, maar leerlingen met autisme zitten er tijdens de eerste drie leerjaren wel in een special class. Daarna stroomden wij door naar een gewone klas. Maar als er iets speelde, konden wij altijd nog terecht in een vaste, veilige ruimte waar iemand zat met wie je kon praten. Bijvoorbeeld als je instortte tijdens de les of als je je zorgen maakte over je cijfers. Maar je kon er ook gewoon naar toe om je boterham op te eten tijdens de pauze. In het begin maakt ik veel gebruik van deze ruimte, daarna steeds minder.

Het fijne van Codam vind ik dat ik hier echt kan leren in mijn eigen tempo. De stof die ik al beheers, daar race ik gewoon doorheen. Ook kan je hier in grote mate je eigen leerpad uitstippelen, met je eigen interessegebieden. Zelf wil ik bijvoorbeeld graag een eigen besturingssysteem en grafische applicaties leren ontwikkelen. 

Programmeren in C

Ondanks mijn voorsprong op de middelbare school begon ik hier eigenlijk helemaal opnieuw. Tijdens de eerste periode leer je namelijk programmeren in de zeer oude programmeertaal C. Dat is geen fijne taal, geen flexibele taal en ook geen veilige taal. Eigenlijk zijn er maar heel weinig redenen om in C te werken. Maar juist daarom begin je hier met die taal, vanuit het idee dat je dan wordt gedwongen om écht te leren hoe een computertaal werkt. Daarna snap je andere programmeertalen heel snel.

Je kunt hier vierentwintig uur per dag zijn. Lestijden zijn er niet, je kunt komen wanneer je wilt. Daarin schuilt wel een gevaar want je kunt er dus óók voor kiezen om een keer een dagje niet te komen. Persoonlijk vind ik het fijn om een vast ritme te hebben. Daarom heb ik de volgende afspraak met mezelf gemaakt: ik ben hier van maandag tot en met zaterdag van elf uur in de ochtend tot het moment waarop ik mij niet meer kan concentreren – dat is meestal rond het avondeten.

Het digitale schoolsysteem van Codam vind ik prachtig om naar te kijken. Het bestaat uit allemaal heel precies ontworpen onderdelen die mooi samenwerken.Je kunt bijvoorbeeld aangeven dat je je project wilt laten evalueren. Dan selecteer je een tijdslot en kunnen medestudenten daar op reageren. Om vriendjespolitiek te voorkomen ken je elkaars identiteit niet tot vijftien minuten voor de evaluatie. Mooi vind ik ook het systeem van de  evaluationpoints, dat is zeg maar onze munteenheid. Alle studenten beginnen hier met 5 punten. Word je werk geëvalueerd dan geef je één punt uit. Evalueer je iemand anders, dan krijg je één punt. Heb je nog maar nul punten, dan kun je niet meer worden geëvalueerd. Studenten hebben elkaar dus écht nodig.

Error

Er zijn hier geen leraren, maar ik heb ze tot nu toe ook nog niet gemist. Het internet is voor programmeurs een zeer waardevolle bron van informatie. En als je vast zit kan je het ook altijd aan  een medestudent vragen via de groeps-app. Tot nu toe is er altijd wel iemand die het antwoord op mijn vragen weet, bijvoorbeeld wat een bepaalde error betekent.

Je kunt het natuurlijk ook gewoon vragen aan een student die je ziet. Dat vind ik soms wel lastig. Bijvoorbeeld als iemand al in gesprek is met een andere student, dan weet ik niet wanneer ik kan inbreken. Mijn tactiek is dat ik mijn vraag dan gewoon stel. Dat is misschien niet de beste tactiek,  maar tot nu toe werkt het wel.

Ik zou mijzelf niet extravert willen noemen, maar ik praat wel makkelijk met anderen. Al hangt het wel erg af van het onderwerp. De meeste dingen die bij mij thuis tijdens het avondeten worden besproken vind ik eerlijk gezegd best wel saai. Dat is een aandachtspunt voor mij. Ik moet eigenlijk leren om dan tóch te luisteren. Ik heb mijzelf echter getraind om een oninteressant gesprek weg te filteren. Alleen als er tijdens zo’n gesprek specifieke woorden vallen, doe ik weer mee. Het gaat dan vrijwel altijd om technische woorden.

Autisme: goed mentaal model

Voordat ik hier kwam werkte ik een half jaar bij een internetbureau. Daar liepen allemaal nerds rond, dat was heel fijn. Mijn mentor daar gaf wel aan dat ik tijdens meetings soms een beetje onhandig kan zijn met mijn reacties. Dat hoop ik nog te kunnen trainen. Uiteindelijk heb ik hem verteld dat ik autisme heb, dat wist hij nog niet. Hij was daar erg verbaasd over, dat had hij helemaal niet verwacht. 

Tijdens de presentatie van een nieuwe app aan een klant zei ik hardop dat ik een bepaald onderdeel onlogisch vond. Wat ik niet wist, was dat er voorafgaand aan die presentatie intern al veel discussie over was geweest. En dat het niet het juiste moment was om daar over te beginnen. Ik vind het heel lastig om in te schatten wanneer het dan wél een geschikt moment is om zoiets aan de orde te stellen. Wat ik wel tof vond van die mentor was dat hij zei dat ik in geval van twijfel een fout beter wél dan niet kan melden.

Op zulke momenten kan ik weleens last hebben van mijn autisme. Maar over het algemeen levert mijn autisme mij vooral veel voordelen op in de ICT. Ik heb echt het gevoel dat het mij een goed mentaal model aanlevert om technische onderwerpen te begrijpen.’

Noah was in 2018 winnaar van de 3i Award 2018 voor het beste informatica-profielwerkstuk. 

Door onze redacteur Julie Wevers

Lees ook het interview met Codam-student Koen ‘Soms doe ik alsof ik neurotypisch ben’

Lees ook het artikel Een gratis programmeerschool, óók voor drop-outs