030-2299800
Blog van Els van Veen, huisarts

Meisjes met autisme

  Els van Veen Opinie okt17
 

Els van Veen (Amsterdam, 1970) is
huisarts. 
Zij kreeg in 2014 de diagnose
autisme (ASS). Omdat zij niets kon vinden
over artsen met autisme, bouwde zij in
2016 de website www.artsenmetautisme.nl

Een psycholoog die meisjes met autisme begeleidt vraagt mij om advies. Hoe kun je hen het beste helpen? Heb ik tips over hoe je met hen om kunt gaan? 

Tegenwoordig heb ik zelf een autisme-diagnose. Ik zeg expres niet ‘heb ik autisme’, omdat ik dat niet zo kan ervaren. Een paar jaar geleden gaf een GZ-psycholoog de benaming ‘autisme’ aan bepaalde gedragskenmerken en problemen van mij. Dat is alles, maar de benaming ‘autisme’ voelt sindsdien zwaar. In ieder geval te zwaar voor de problemen waar ik soms tegenaan loop.

Ooit was ik een meisje. Maar ik denk niet dat dat meisje in aanmerking was gekomen voor de benaming ‘autisme’ . Niet alleen omdat mensen autisme toen minder goed ‘herkenden’. Maar ook omdat de naam ‘autisme’ toen aan kinderen met heel andere problemen werd gegeven.
Met andere woorden: onder de noemer ‘autisme’ gaan in 2018 heel andere problemen schuil dan eind jaren ’80 van vorige eeuw. Het begrip ‘autisme’ is dus zelf veranderd.

 

Eetstoornis

Ik denk terug aan mijn jeugd. Ik was doorgaans een vrolijk kind. Ik groeide op in een warm gezin. Ik kon goed meekomen op school.  

Tijdens mijn puberteit ontwikkelde ik een eetstoornis. Ik had geen flauw idee waar mijn eetstoornis vandaan kwam.
Ik wilde er heel graag vanaf. Er is nooit een officiële diagnose gesteld. Dat kwam ook doordat ik mijn probleem goed verborgen hield. Ik denk nu dat mijn eetstoornis door mijn perfectionistische aanleg kwam. En door mijn gevoeligheid. De druppel was dat mijn moeder ziek werd toen ik 12 jaar oud was. Ik was bang dat zij dood zou gaan. 

Ik wist wel dat ik een eetstoornis had. Ik las er heel veel over. Ik las dat een eetstoornis ‘moeilijk te behandelen’ is.
Had ik vroeger positieve berichten gelezen over de behandeling van een eetstoornis, dan had ik misschien wel hulp gezocht. Maar ik dacht toen dat ik abnormaal was; dat is een erg belemmerende gedachte als je hulp zoekt. Ik vond destijds dat ik dit probleem zelf moest oplossen. Ik schaamde me erg en vroeg daarom niemand om hulp. Dagelijks was ik in gevecht met mijn eetstoornis, maar het is lastig vechten tegen een vijand die je niet kent. Achteraf voel ik heel veel compassie met het meisje dat ik destijds was.

 

Luisteren

De psycholoog geef ik zo goed mogelijk antwoord. Ik schrijf haar dat ‘autisme’ als benaming niet veel zegt over de problemen waar meisjes tegenaan lopen. Wat ik om mij heen zie bij andere mensen met autisme, is namelijk zeer verschillende problematiek. Er is zelfs geen enkel kenmerk dat álle mensen met autisme hebben. 

Ik adviseer de psycholoog om goed te luisteren naar het verhaal dat de meisjes - en hun ouders - vertellen. Ik doe suggesties hoe je kinderen kunt helpen hun emoties te uiten. Over je problemen kunnen praten helpt vaak al. Maar je kunt jezelf ook via muziek, dans of tekenen goed uiten. Bij mij werkt schrijven vaak goed. Ik hoop dat ik met het schrijven van mijn blogs ook andere mensen help zichzelf beter te begrijpen. Misschien wel dat meisje dat nu een eetstoornis heeft.


Els van Veen

Om de website goed te laten functioneren en te verbeteren gebruiken wij cookies. Als u de website verder gebruikt dan gaat u hiermee akkoord. Zie onze privacyverklaring, die ook geldt als u lid wordt of zich aanmeldt voor nieuwsbrieven.