Home Nieuws ‘Dit is een vorm van kindermishandeling’
22 juni 2020 - Reacties op de omstreden podcast over thuiszitters van de NVO‘Dit is een vorm van kindermishandeling’

UPDATE 29 juni: De NVO heeft vandaag de omstreden podcast-aflevering over thuiszitters verwijderd, nadat wij hiertoe vorige week opriepen. Zie ook ons persbericht hierover.

,,De  toonzetting, de wijze waarop over kinderen en ouders wordt gesproken, de duiding van de onderliggende motivatie voor gedrag, het in de podcast niet-onderbouwde oordeel over de diagnose van een collega-professional kwetsen ouders, beroepsgenoten en andere betrokkenen. Zij verhouden zich ook niet met de waarden van de beroepsgroep als geheel en van individuele  beroepsgenoten. Met de verwijdering van de podcast neemt het bestuur zijn verantwoordelijkheid en neemt afstand van de ontstane beeldvorming”, schrijft het bestuur van de NVO in een brief aan haar leden.

Afgelopen weekend ontstond er op de sociale media veel ophef over de podcast-aflevering Die éne leerling uit de reeks Thuiszitters hoe kan het ook anders? van beroepsvereniging NVO voor pedagogen en onderwijskundigen. Deze podcast doet verslag van verregaande dwang door een orthopedagoog tegen een 8-jarige thuiszitter met de diagnose autisme. De deur van het toilet waarin hij zich in zijn eigen huis verschuilt wordt er uit gehaald als de jongen weigert om deze te openen. Daarna wordt de jongen – in zijn pyjama  – ‘gillend en schreeuwend’ mee genomen in de auto naar school waar hij drie dagen lang ‘Ik kan het niet’ schreeuwt. Zijn wanhopige ouders zijn buiten spel gezet.

Lees hier het NVA-statement.

Dit zijn de op verzoek van de NVA ontvangen reacties van wetenschappers: 

Reactie van Ina van Berckelaer-Onnes, orthopedagoog en emeritus-hoogleraar Autisme. 

 ‘Ik wist niet wat ik hoorde, dacht eerst dat het een grap was. Dit is absurd. Deze thuiszitter van 8 met autisme is gewoon doodsbang en sluit zich op in de wc, weg van alles en iedereen. Dat deze orthopedagoog-generalist hem vervolgens uit die wc haalt en in pyama naar school brengt, vind ik een vorm van  kindermishandeling. Hoe weet zij wat deze jongen voelt of wat deze jongen heeft? Waar baseert ze op dat hij geen autisme heeft? We proberen tegenwoordig juist zo zorgvuldig te werk te gaan, waarbij protocollen, gebaseerd op grondig wetenschappelijk onderzoek heel belangrijk zijnDat je zó met je vak kunt omgaan, vind ik onbegrijpelijk. Ik schaam me gewoon dat dit een vakgenoot is..’

Reactie van Hanna Swaab, hoogleraar Neuropedagogiek en Ontwikkelingsstoornissen aan de Universiteit Leiden:

 ‘Ik heb de podcast geluisterd en ik ben zeer verbaasd over de verontrustende inhoud. Is die bedoeld om een discussie uit te lokken? Als dat niet zo is, dan wordt er bijzonder weinig inzicht gegeven in de ‘pedagogische’ afwegingen die gemaakt worden bij deze vaag omschreven aanpak en daarbij lijkt er geheel voorbij gegaan te worden aan de (veronderstelde) psychopathologie van het kind (er wordt gesproken over fout gegeven diagnoses). Herhaaldelijk wordt gesuggereerd dat het kind de regie heeft (wil niet begrepen worden) en dat die regie bij de behandelaar moet komen te liggen. Een  zeer bijzondere opvatting wanneer je spreekt over een jong kind met kennelijk hoog opgelopen angsten.’

Reactie van Wouter Staal, hoogleraar Autisme aan de Universiteit Leiden en hoogleraar Klinische Kinder- en Jeugdpsychiatrie bij het Radboudumc. Tevens NVA-ambassadeur:

‘Wat we weten uit ervaring en vanuit de wetenschap, is dat er twee dingen heel erg belangrijk zijn als je een thuiszitter weer naar school wilt krijgen: nauwe samenwerking tussen de ouders, het kind en alle betrokken hulpverleners en centrale regie. Onder centrale regie versta ik dat je afspreekt wie op welk moment het beste iets kan doen en niet, zoals in deze podcast, dat je tegen anderen zegt dat ze het verkeerd hebben gedaan. 

Samenwerking tussen alle partijen is echt cruciaal want na een periode dat het goed gaat kan er bij thuiszitters weer een nieuwe dip komen. En juist dan moet die alliantie tussen ouders, het kind en hulpverleners staan als een huis. 

Wat er in deze podcast gebeurt is eigenlijk het tegenovergestelde. De betreffende orthopedagoog-generalist redeneert: als we de ouders en andere hulpverleners uitschakelen, dan trekken wij het wel even vlot. 

Waar ik bang voor ben, is dat hulpverleners in veld door deze podcast gaan denken: kinderen moeten gewoon doen wat ik zeg, andere hulpverleners moeten hun kop houden en eerder gestelde diagnoses doen niet terzake. Vooral omdat deze podcast echt is bedoeld als didactisch middel. Overigens zijn mijn ervaringen met orthopedagogen tot nu toe altijd heel goed geweest. Daarom verbaast deze podcast mij ook zo. Juist deze beroepsgroep is vaak heel erg goed in samenwerken en maakt vaak gebruik van gedegen analyses en plannen. 

Wat de manier betreft waarop deze jongen naar school wordt gedwongen: het is niet erg wijs om angst met angst te bestrijden. Wat hier gebeurt, deze overpower van de orthopedagoog, roept bij de jongen waarschijnlijk zoveel angst op, dat het zijn andere angsten tijdelijk overwint. Maar daarna is hij zijn hele leven bang voor iedere hulpverlener, dat kan niet anders. Stel hij heeft op zijn 18de hulp nodig in verband met een depressie, dan zal hij eerst behandeld moeten worden voor vroegkinderlijk trauma.’

Reactie van Maretha de Jonge, Orthopedagoog-Generalist en hoogleraar Orthopedagogiek aan de Universiteit Leiden.

‘Ik ben geschrokken van de Podcast van de NVO waarin het zou gaan over “Samenwerking: orthopedagogen en thuiszitters” en waarin beloofd wordt de brug te slaan van wetenschap naar praktijk. Juist deze beide aspecten ontbreken in het eerste deel van een serie op een manier die de podcast uitermate pijnlijk maakt.

Samenwerking en het vormen van een alliantie met en tussen opvoeders vormt de kern van de orthopedagogiek. Orthopedagogen leren tijdens hun opleiding zich te richten op de opvoedingsrelatie, dat wil zeggen de relatie tussen opvoeders (leerkrachten, ouders) en het kind met ontwikkelingsproblemen zelf. Een respectvolle benadering waarin met warmte en begrip gesproken en gedacht wordt over kinderen en opvoeders met moeilijkheden, is daarin van eminent belang.

Orthopedagogen baseren hun handelen op methoden die een wetenschappelijke basis hebben, onderzocht zijn en werkzaam zijn gebleken. Om de juiste methode of interventie te kunnen kiezen, voeren zij zorgvuldige handelingsgerichte diagnostiek uit, die veel verder gaat dan classificeren. Juist de verklaring voor gedrag staat centraal en vormt de basis van interventie. Niet zozeer: “wat heeft het kind?” maar veeleer: “wat maakt dat dit probleem of gedrag ontstaat?”

Zo’n verklarend beeld vormt zich door zorgvuldig kijken en handelen, samen met opvoeders, collega’s én met het kind zelf. In deze podcast, die een didactisch doel heeft, ontbreken verklaring, theoretische-wetenschappelijk gebaseerde methodiek, samenwerking en een respectvolle, betrokken benadering.’