Lidmaatschap AutismeFonds Info&advies Aanmelden zoek&vind 030-2299800
Dullaert: ‘Ouders die ageren tegen zorgleerlingen gedragen zich verfoeilijk’

Marc Dullaert is bijna één jaar ‘aanjager’ van het Thuiszitterspact. Tijd om de balans op te maken. ‘Als ik vraag wat de bedoeling is van een bepaalde financiële reserve, krijgen sommige bestuurders het rood op de konen.’



Marc Dullaert mei 2017Wat zijn de belangrijkste mijlpalen tot nu toe voor u als aanjager van het Thuiszitterspact?

‘Het onderwerp thuiszitters staat nu echt overal hoog op de agenda, bijvoorbeeld bij de media, de gemeenten en de samenwerkingsverbanden. Toen ik elf maanden geleden begon werd ik moeilijk aangekeken als ik het woord ‘onderwijszorgarrangement’ liet vallen, dat is nu echt niet meer zo. Daarnaast zijn er hele concrete doelstellingen vastgelegd in het zogenoemde G4-Thuiszitterspact van de vier grote steden, zoals een reductie van 25 procent per jaar van het relatieve verzuim (als een leerling wel op een school staat ingeschreven, maar langere tijd ongeoorloofd afwezig is, red.). Deze afspraken vormen nu de blauwdruk voor de overige gemeenten. Voor mijn gevoel is er een kantelpunt bereikt. We weten inmiddels dat het écht mogelijk is om thuiszitters weer op school te krijgen. Voorwaarde is wel dat alle partijen, zoals gemeenten en samenwerkingsverbanden, met elkaar in gesprek gaan over concrete casussen - zonder daarbij te steggelen over wie wat betaalt. Andere mijlpaal is dat er steeds meer samenwerkingsverbanden zijn met een doorzettingsmacht als het gaat om thuiszitters. Hoeveel het er precies zijn, wordt op dit moment onderzocht.’

 

Wat doet u eigenlijk precies als aanjager?

‘Ik heb geen strepen op mijn mouw en kan niks opleggen zoals de Inspectie van het Onderwijs. Ik probeer mensen met elkaar te verbinden door mijn aanwezigheid en dat lukt goed. Als bijvoorbeeld blijkt dat er problemen zijn met een leerplichtambtenaar of iemand van het wijkteam, dan nodig ik die personen uit aan tafel. En die uitnodiging durven ze dan meestal niet te weigeren. Ook draag ik altijd goede voorbeelden aan, dat helpt enorm.’

 

Waar bijt u vooral uw tanden op stuk?

‘Als betrokken partijen toch blijven steggelen over wie wat betaalt, bijvoorbeeld gemeenten onderling met betrekking tot het leerlingenvervoer. Daarnaast krijg ik heel regelmatig signalen dat ouders scholen onder druk zetten om bepaalde zorgleerlingen niet toe te laten of te verwijderen. Dat kan gewoon niet. Ik vind dit verfoeilijk gedrag dat ingaat tegen de rechten van het kind, zoals het recht om te leren. Ik ben groot voorstander van een inclusieve samenleving. Als ik in de tweede klas met de trein reis, zit ik ook in een diverse microcosmos. Wij zullen het met elkaar moeten doen.’

 

Veel vrijstellingen worden op dit moment opnieuw bekeken door gemeenten. Wat betekent dit voor ouders?

‘Zij hoeven niet bang te zijn want er zal geen sprake zijn van dwang om kinderen weer op school te krijgen. De intentie is echt om te kijken hoe kinderen die leerbaar zijn weer onderwijskansen kunnen krijgen. Veel ouders zijn hier blij mee, de vrijstelling was voor hen vaak slechts een noodoplossing.’

 

Wat vindt u ervan dat veel samenwerkingsverbanden geld voor passend onderwijs op de plank laten liggen?

Als ik binnenkom denken veel schoolbestuurders: ‘Daar komt onze grote kindervriend!’ Maar ik heb ook een bedrijfskundige achtergrond en lees vooraf altijd de jaarverslagen goed door. Als ik dan vraag wat de bedoeling is van een bepaalde financiële reserve, krijgen sommige bestuurders het rood op de konen want zij hebben daar geen antwoord op. Al het geld voor passend onderwijs dat ten onrechte op de plank blijft liggen wordt niet besteed aan maatwerkoplossingen. Het gevolg is dat er kinderen nodeloos lang thuis blijven zitten.’

 

Door onze redacteur Julie Wevers